Trots

Blog Hooggevoeligheid – maart 2017

Mijn telefoon gaat; school belt. Het is het tweede telefoontje in twee weken dat het niet goed met je gaat. Je komt niet tot werken, je voelt je niet fijn en je bent erg verdrietig vertelt de juf. Je zit al de hele ochtend bij juf aan tafel. Alweer. Je hebt deze week nog niet op je eigen plek gezeten. Nadat ik tegen juf gezegd heb dat ik eraan kom, hang ik op en zak ik zuchtend op mijn stoel. Ik kijk papa aan en ik zie de zorgen in zijn ogen. We zeggen tegen elkaar dat we het even niet meer zo goed weten. Wat is nu goed voor jou? Je hebt net ruim twee weken kerstvakantie gehad. We hebben niet de indruk dat je geen energie meer hebt en dat een dagje thuishouden de oplossing gaat zijn.

Ik heb zelf heel sterk het gevoel dat het belangrijk is dat je op school blijft; dat je leert dat dit gevoel er ook mag zijn en dat je leert om zelf (of met hulp) dit gevoel om te buigen. Ik kan je niet elke keer mee naar huis nemen of naar school komen als het even niet gaat.

Ik weet niet zeker of dit nu het juiste moment is, maar ik besluit om op mijn intuïtie te vertrouwen. Je zit met een wit gezichtje bij de juf aan tafel te kleuren als ik de klas binnen loop. Je loopt op me af, duikt in mijn armen en de tranen stromen over je wangen. Ik neem je mee naar de gang, waar we even rustig kunnen praten. Ik vraag wat er aan de hand is en je zegt dat je mij zo mist en dat je je niet fijn voelt. We praten hier een tijdje over en ik vraag hoe het nou komt dat ik in groep 1-2 nooit werd gebeld en nu wel. Je geeft aan dat je nu zoveel moet werken en dat je dan last van je hoofd krijgt omdat je zoveel moet denken.

Ik snap dat de overgang van de kleuterklas naar groep 3 best heel groot is. Je kijkt me met waterige ogen aan en ik weet dat je nu het liefst naar huis toe wil. Ik leg aan je uit waarom ik denk dat het niet verstandig is om je mee naar huis te nemen. Ik geef ook aan dat ik niet de indruk heb dat je nu zo moe bent dat het noodzakelijk is om naar huis te gaan. Ik ben onder de indruk van je eerlijkheid als je toegeeft dat dit inderdaad niet zo is. We praten nog even verder en ik vraag je of je een idee hebt wat jou zou helpen op dit soort momenten. Je moet hier even over nadenken, maar uiteindelijk kun je een aantal dingen opnoemen. Je vindt het fijn om je knuffel, meneer Beer, bij je te hebben op school omdat hij je aan thuis doet denken. Je vindt het fijn om tussen het werken door even te kleuren, zodat je weer rustig in je hoofd kunt worden, je wilt op de momenten dat je je niet goed voelt liever even niet buiten spelen en als het echt even niet gaat wil je graag bij de juf aan tafel zitten. Wat ben ik trots dat je zo goed in staat bent om jouw eigen oplossingen te bedenken. Ik zie dat je rustiger wordt. Ik geef je nog een hele dikke knuffel en dan lopen we samen naar de juf om te vertellen wat we hebben besproken. Juf is ook trots dat jij zo goed kunt vertellen wat jou zou kunnen helpen. Ze vindt alle ideeën goed en ze schrijft ze op, zodat jouw andere juf er ook direct van op de hoogte is.

Ik zie de spanning uit je lijf verdwijnen en langzaam komt er een glimlach op je gezicht. Ik geef je nog een laatste knuffel en ga dan weer naar huis. Als ik me bij de deur omdraai zie ik je met een lach op je gezicht kletsen met je vriendjes en vriendinnetjes. Wat fijn om je zo te zien. Als ik je s middags kom ophalen, kom je met een blij gezicht op me af lopen. De rest van de dag is goed gegaan en je bent erg trots op jezelf dat je bent gebleven.

En wat ben ik trots op jou!!!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s